Tips and - Aas

Maden

Maden zijn waarschijnlijk het eenvoudigste aas om thuis vers te houden. Wanneer u de maden uit de winkel mee naar huis genomen heeft moet u er voor zorgen ervoor dat de maden zo snel mogelijk droog en koud worden gezet. Als de maden vochtig zijn of onaangenaam ruiken, dan moet u ingrijpen. Aan de maden voegt u houtzaagsel toe. Desgewenst kunt u ook kiezen voor maïsbloem of speciale madenreiniger. Let op dat u geen maïsbloem of madenreiniger gebruikt als u later Stickymag wilt gebruiken. Stickymag gebruikt u om de maden aan de waterkant plakkend te maken om ze makkelijk als een balletje met een catapult of werpstok op de visstek te kunnen schieten of werpen. De toevoeging van maïsbloem of madenreiniger vermindert de bindende kracht van Stickymag.

Maden

Bewaar de maden op een koele en droge plaats, niet al te koud en pas op met te veel condens. Te veel condens maken de maden nat en dat beïnvloedt de kwaliteit en houdbaarheid. Zorg er ook voor dat de maden voldoende lucht krijgen. Ideaal is een open metalen bak met omgebogen randen zodat de maden voldoende lucht krijgen, maar door de omgebogen randen er niet uit kunnen kruipen. Het belangrijkste bij het bewaren van maden is om de maden stabiel op temperatuur te houden. Als de temperatuur van warm naar koud wisselt zullen de maden snel veranderen in casters.

Goed behandelde maden zijn op deze wijze van enkele dagen tot wel een week te bewaren.

Tip: Op warme dagen kunt u de maden het beste in een koeltas met enkele koelelementen mee naar het water nemen en houd de maden gedurende het vissen uit de zon.

Casters
Casters zijn verpopte maden en hier is hoe u uw eigen casters kunt “maken”. Koop in de winkel de meest verse en de grootste mogelijk maden. U kunt zelf controleren of de maden vers zijn. Verse maden hebben zwarte stip. Dat is hun maag vol voedsel. Sommige maden, de zogenaamde Franse maden, verpoppen niet goed en worden geen goede casters. Zorg er voor dat u de in de winkel duidelijk om castermaden vraagt.

Plaats de maden en het zaagsel in een bak die niet te klein is voor de hoeveelheid die u wilt gaan vercasteren. Maak het zaagsel vochtig, niet nat, maar vochtig. Dit moet gebeuren om te voorkomen dat de maden krimpen door het uitdrogen.

De vuistregel met te nat zaagsel is dat u na een tijdje overal de maden kunt gaan opzoeken, maar ze zullen niet meer in de bak zitten ;). De bak met de maden in het vochtig zaagsel plaats u vervolgens in een warme, maar niet te warme plaats. De schuur of garage is een prima plek. Daar tref je in de regel niet alleen de beste temperatuur om te vercasteren, maar het is ook aan te raden vanwege de geur. Een goede tip is om de maden afwisselend warm en koud weg te zetten. Het proces van vercasteren valt op die manier beter te sturen.

Als de maden heel vers zijn zal het ongeveer 4 en 5 dagen duren voordat u er mooie casters van hebt. Dan breekt de fase aan dat u het druk krijgt. Als u merkt dat de maden stijf worden, maar nog niet verkleuren, gaat u zeven met een madenzeef. De nog levende maden kruipen door de zeef in de bak en de verpopte maden, de casters blijven er op liggen. De dan nog heel licht gekleurde casters kunnen op kleur gebracht worden door ze even te laten staan. Laat ze niet donkerbruin/zwart worden, want dan is de kans groot dat ze niet meer zinken of zelfs zuur worden.

Als de maden op kleur zijn spoelt u ze onder de koude kraan af en kunt u ze bewaren. Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Onder water
  • In een vacuümpot
  • Luchtdicht in een plastic zakje (liefst niet lichtdoorlatend)

Hoe u ze ook bilt bewaren doe het wel in een koelkast, bij voorkeur bij 2 - 3 C graden. Wilt u de casters wat langer bewaren geef ze dan elke dag even lucht. Casters zijn levende wezens en hebben dus lucht nodig. Op deze manier kunt u de casters 3 tot 4 dagen vers houden.

Tip: Bewaar de casters tijdens het vissen in een bakje onder water. Niets is zo slecht voor de casters als zonlicht en warmte.

Wormen

Er zijn verschillende wormen die goed bruikbaar zijn voor de visserij. De drie meest gebruikte wormen zijn de mestpiertjes, Dendrobena en dauwwormen.

Mestpiertjes zijn vanwege de reuk een zeer goed aas. Jammer genoeg is het steeds moeilijker om aan mestpiertjes te komen. Door de milieuwetgeving is het niet meer toegestaan een mesthoop op je land te hebben. Mest moet bewaard worden op een betonnen vloer en mag het milieu niet aantasten. Veelal wordt de mest al afgevoerd voordat het voldoende "ontzuurt" is om mestpieren te bevatten. Immers een te hoge zuurgraad is dodelijk voor mestpieren. Het beste is om in de tuin een eigen mesthoop aan te leggen en die goed te onderhouden. Je grijpt dan nooit mis. Mocht je toch ergens in de buurt op een "vergeten" mesthoop, je wormen mogen rapen dan moet je dat koesteren. In Nederland zijn er maar enkele handelaren die mestpiertjes verkopen.

Tip: In winkels worden kleine gewone wormen in bakjes aangeboden met het opdruk "mestpieren". Pas op dat je daarmee niet in de luren wordt gelegd. Het verschil tussen een mestpier is te zien (kleur), te ruiken (een heel specifieke geur) en te voelen (zachter dan gewone wormen).

De andere wormensoort zijn de Dendrobena's. Er zijn meerdere namen in omloop voor deze wormen. Ze staan ook wel bekend als: vissersworm, springers of springwormen. Veruit de meest gebruikte visworm. Deze wormen zijn goed verkrijgbaar en lang houdbaar. De Dendrobena's zijn verkrijgbaar in de maten klein - middel - en groot. Je moet dan denken aan respectievelijk 3-4 cm - 5-6 cm en 8-9 cm. De kleine en middelgrote worden voornamelijk als haakaas gebruikt en de grote voor het voeren (door het voer knippen). Bakjes die je in de winkel kan kopen (in de zogenaamde nasibakken) zijn meestal een mix van klein en middel en zeer goed bruikbaar voor de visserij op witvis, zeelt, karper en baars. Dendrobena's zijn sterker dan mestpieren en beter houdbaar.

Dauwwormen tenslotte is een wormensoort waar iedereen bijna altijd aan kan komen de een spade in de grond te zetten en ze te rapen. Bewaren kunt u ze het best door het doosje onder de aarde te steken. Er zijn trouwens verschillende ondersoorten. De dauwwormen zijn vaak vrij taai. Dat kan dan weer een voordeel zijn als ze langere tijd op de haak moeten houden. Toen er nog op paling gevist mocht worden werd deze wormensoort het meest gebruikt aan de haak of aan de peur; maar dat is verleden tijd.

Tip: Bewaar de wormen beslist niet kouder dan tussen de 6° en 8° Celsius en voorkom grote temperatuurverschillen. Zorg wel dat de aarde vochtig (niet nat!) blijft en voorzien de wormen als je ze wat langer wilt bewaren van voer.

Zagers

De zager oftewel de zeeduizendpoot is ook een populair aas. Ze zijn in de hengelsportzaken bijna alleen nog verkrijgbaar op kweekbasis. De zager is een prima aas en zeer bewegenlijk in het water. Prik om die beweeglijkheid te behouden de zager alleen door de kop. De lange staart maakt op de stroming mooie zwepende bewegingen en de kleur is ook erg aantrekkelijk. Pas op want ze kunnen een beetje bijten met twee uitschuifbare haakjes die inwendig voor in de kop zitten. Nou doet dat niet vreselijk zeer maar je schrikt toch als je het niet weet.


Er zijn verschillende soorten zagers. De grote of groene zager kan tot 40 cm lang worden. De gewone zager haalt 20 cm. Zagers komen algemeen voor op de bodem van de Waddenzee en Noordzee. Het zijn roofwormen die leven van kleine bodemdieren

Enkele kwekers kweken de zagers buiten in de open lucht waardoor ze niet van spitzagers zijn te onderscheiden (bij gelijke grootte). De vangkracht is hetzelfde, maar de houdbaarheid is beter! En dat hebben veel wedstrijdvissers ook ontdekt. De kweekzagers zijn onweerstaanbaar voor tong en geep, paling en zeebaars. Maar ook voor kabeljauw.

Tip: Wil je de zagers wat langer bewaren zet ze dan in vers zeewater en belucht ze met een luchtpompje. Elke dag het water verversen is dan het beste en de zagers moeten dan minstens twee weken te houden zijn. Let er wel op dat ze koel staan. (1 tot 8 graden). Om goed met de zagers te vissen moeten ze niet te vers zijn. Enkele dagen voor het vissen de zagers in de zeeturf doen. De zagers worden wat harder en houden dan beter op de haak. Elke zager moet dan goed in de zeeturf zitten zodat ze elkaar niet direct raken, anders stikken ze. In de koelkast zijn ze dan nog een week tot tien dagen houdbaar en altijd gereed om te vissen. Zeeturf wordt gewonnen in zee en heeft de juiste zuurgraad. Tuinturf heeft een lage zuurgraad en dat is dodelijk voor de zagers.